Een kwestie van kiezen!
De Beterbegroting van de
PvdA
1. Samengevat:
Politiek is een kwestie van
kiezen. Het kabinet Balkenende kiest ervoor om hard te bezuinigen. Dat is slecht
voor de economie en kost ons banen. Tegelijkertijd wordt de zorg steeds duurder
voor de mensen die dat het slechtste kunnen betalen en krijgt de sociale
zekerheid klap na klap. Iedereen en vooral veel ouderen, zieken en werklozen
betalen de prijs. Grote problemen blijven liggen en worden niet opgelost; denk
aan de haperende inburgering, de verslechterende leefbaarheid in de grote steden
en het gebrek aan goede betaalbare woningen.
De PvdA maakt andere keuzes.
Het is voor de PvdA een fundamentele opdracht dat mensen die door ziekte, gebrek
of pech geen kant opkunnen, steun krijgen en worden ontzien. Ook, nee juist in
moeilijke tijden. De PvdA bezuinigt ook maar altijd op basis van ‘sterkste
schouders, zwaarste lasten’ en altijd met perspectief. Om problemen op te
lossen, niet om ze te laten liggen.
De keuzes die de PvdA maakt
maken Nederland sterk en sociaal. Ze zorgen voor meer werk, goede zorg,
zekerheid en veiligheid. Kansen voor jongeren, waardigheid voor ouderen; dat is
de kern van de voorstellen van de PvdA. De alternatieve plannen van de PvdA in
de Beterbegroting leiden tot een
eerlijker verdeling van de lasten. Maar ook tot een stijging van het aantal
banen in onderwijs en zorg en een daling van de werkloosheid met enkele
tienduizenden personen.
Daarnaast heeft de PvdA in
haar alternatieve plannen geld uitgetrokken om een aantal concrete problemen op
te lossen:
-
alle wachtlijsten in de
jeugdzorg worden weggewerkt: terugdraaien van de
bezuinigingen
-
goedkope kinderopvang
en meer tussen- en naschoolse opvang
-
alle veelplegers worden
van straat gehaald
-
iedere buurt krijgt
zijn eigen wijkagent
-
investeren in de
kenniseconomie, geen jongere van school zonder diploma in vmbo en mbo, extra
geld voor toptechnologie
Uit de doorrekening van de
alternatieven van de PvdA zal onomstotelijk blijken dat je voor hetzelfde geld
betere keuzes kunt maken dan het kabinet Balkenende. De PvdA plannen leiden niet
tot een hoger financieringstekort dan de kabinetsplannen. Daarnaast stimuleert
de PvdA de economie door de lasten voor het bedrijfsleven te laten dalen. De
PvdA betaalt haar plannen door een beperking van de bovenmatige
belastingvoordelen voor hoge inkomens en door een prijs te zetten op
milieuvervuiling.
2. De voorstellen van de
PvdA:
1. Sterke
economie:
De PvdA investeert in
onderwijs en in de kenniseconomie. Werkgevers krijgen aanzienlijke
loonkostenverlaging door lagere sociale premies voor alle werknemers en een
extra belastingkorting voor het aan het werk helpen van jongeren en het aan het
werk houden van ouderen. De bedrijvigheid wordt door de PvdA verder gestimuleerd
door verlaging van de vennootschapsbelasting en verhoging van de
zelfstandigenaftrek. De woningbouw en het openbaar vervoer krijgen een sterke
impuls. Daarnaast komen de kosten van kinderopvang niet meer voor rekening van
de werkgevers en hun WAO en werkloosheidspremies worden verlaagd. Het MKB (‘onze
banenmotor’) profiteert het meest van de PvdA-plannen.
2. Meer
werk:
Behalve dat het voor
werkgevers goedkoper wordt om mensen in dienst te nemen, zorgt de PvdA ervoor
dat werken meer loont. Daarom geeft de PvdA een werkbonus van 500 euro aan
werknemers. De werkbonus is een extra belastingkorting: over de onderste laag
van het loon hoeft minder belasting te worden betaald. Vooral voor mensen met
lage inkomens en middeninkomens is dit een stimulans: werken levert méér op.
De korting op de belastingen voor
werkenden loopt af naar mate men meer verdient.
Door 800 miljoen euro uit te
trekken voor goedkope kinderopvang en meer tussen- en naschoolse opvang halveert
de PvdA de kosten voor ouders. Daardoor worden de lasten voor werkende gezinnen
verlaagd en wordt het voor zowel moeders als vaders mogelijk en lonend om te
gaan werken.
In totaal leveren de plannen
van de PvdA tienduizenden banen meer op dan de plannen van het
kabinet.
3. Eerlijk
delen:
Ook in deze moeilijke
economische tijden zijn andere keuzes mogelijk. De PvdA is voor eerlijk delen,
juist in moeilijke tijden. Daarom laat de PvdA de hoogste inkomens meer
bijdragen aan de collectieve voorzieningen door een grens te stellen aan de
belastingvoordelen bij de opbouw van hoge pensioenen. Ook bepleit de PvdA een
solidaire financiering van de kosten van de ouderen- en gehandicaptenzorg. Op
dit moment betalen lagere inkomens daar nog altijd relatief meer aan mee dan
hogere inkomens.
Talloze maatregelen van het
kabinet Balkenende vallen vooral slecht uit voor mensen die het toch al niet
breed hebben. De PvdA maakt andere keuzes. Waar het kabinet Balkenende
bijvoorbeeld bezuinigt op het gehandicaptenvervoer en meer lastenverlichting
geeft aan lease-autorijders, schrapt de PvdA dit voordeel voor de veelrijders in
hun lease-auto en zorgt ervoor dat chronisch zieken en gehandicapten mee blijven
doen in onze samenleving en gebruik kunnen blijven maken van het
gehandicaptenvervoer.
4. Goede
zorg:
Het kabinet Balkenende kiest
voor eigen verantwoordelijkheid. Dat betekent in het echt: minder zorg en meer
zelf betalen. Wie gezond is krijgt zijn no claim terug, wie ziek is niet.
Ouderen, chronisch zieken en gehandicapten betalen dus de prijs. De PvdA wil een
goede, betaalbare zorg, die voor iedereen toegankelijk is. Dus geen eigen
bijdrage of no claim voor bezoek aan de huisarts.
De PvdA wil de kosten van de
zorg eerlijk verdelen, tussen rijk en arm, oud en jong, ziek en gezond. Daarom
moet iedereen over het gehele inkomen meebetalen aan de AWBZ, ook de hogere
inkomens. Daarnaast moeten mensen met voldoende vermogen eerst (een deel van)
hun vermogen aanwenden, voordat zij gebruik kunnen maken van de collectief
gefinancierde, dure AWBZ-zorg. Voor de lagere inkomensgroepen beperken we de
eigen bijdrage voor de thuiszorg.
5.
Zekerheid:
De sociale zekerheid krijgt
met de verschillende kabinetsvoorstellen klap na klap. De PvdA vindt dat mensen
die door ziekte, gebrek of pech geen kant op kunnen, steun verdienen en moeten
worden ontzien. Daarnaast moet de overheid betrouwbaar zijn en zekerheid bieden.
Dus niet op het moment dat de werkloosheid toeneemt de WW verslechteren, terwijl
mensen hun hele leven premie hebben betaald. De PvdA maakt die – ook economisch
onhandige - bezuiniging op de WW ongedaan. Het verhogen van de wekeneis en het
vervallen van de kortdurende uitkering geven de werkloze te weinig tijd om een
min of meer passende baan te vinden. Gevolg is dat hoger opgeleide werklozen de
lager opgeleiden van de arbeidsmarkt drukken, rechtstreeks de bijstand in. Dat
is verspilling van maatschappelijk kapitaal.
Ook de maatregel die het
kabinet wil nemen om de ontslagvergoeding met de WW te verrekenen wordt
geschrapt. Om concurrerend te kunnen blijven, moet de arbeidsmarkt flexibel
zijn. De ontslagvergoeding helpt daarbij.
De PvdA vindt dat zekerheid
niet afhankelijk mag zijn van de hoogte van het inkomen. Het kabinet Balkenende
stelt mensen met hogere inkomens in staat om vroeger te stoppen met werken dan
mensen met lagere inkomens. De PvdA vindt dat mensen met zware beroepen na
veertig jaar hard werken met pensioen moeten kunnen.
6.
Veiligheid:
Nederland is pas echt
sociaal als het veilig is. Veel van de onveiligheid komt van een kleine groep
(vaak verslaafde) veelplegers. De PvdA wil meer doen dan het kabinet Balkenende
van plan is. We willen alle veelplegers van straat halen. Door 1.000 extra
plaatsen voor de behandeling van heroïneverslaafden kan het probleem van de
veelplegers substantieel worden aangepakt. Voor drang- en dwangopvang zijn 500
strafrechtelijke opvangplaatsen meer nodig.
De PvdA wil daarnaast dat
iedere buurt zijn eigen wijkagent krijgt. Zij zijn de ogen en oren van de buurt
en kunnen veel onveiligheid voorkomen. Behalve daarvoor trekt de PvdA ook geld
uit voor de aanpak van huiselijk geweld en een solidariteitsfonds voor
slachtoffers, zodat zij niet alleen staan bij het verhalen van de schade op de
dader.
Aan de absurde situatie dat
kinderen die zorg nodig hebben met jonge criminelen in de gevangenis zitten,
omdat er geen plaats is in de jeugdzorg, moet onmiddellijk een eind worden
gemaakt. De PvdA wil daarom de wachtlijsten in de jeugdzorg
wegwerken.
7.
Onderwijs:
Het kabinet Balkenende doet
voorkomen alsof het investeert in het onderwijs, maar op allerlei plaatsen in
het onderwijs wordt tegelijkertijd bezuinigd. De PvdA investeert méér in het
onderwijs, de kenniseconomie en cultuur. In tegenstelling tot het kabinet
verhoogt de PvdA het collegegeld niet en trekt daarnaast 20 miljoen extra uit
voor cultuur.
Alle kinderen verdienen
kansen. Achterstanden moet je bestrijden. Daarom wordt de bezuiniging op het
onderwijs aan kinderen met een achterstand door de PvdA ongedaan gemaakt. Ook
wil de PvdA door meer taallessen oud- en nieuwkomers sneller laten inburgeren.
Tenslotte zorgt de PvdA met haar alternatieve plannen voor zo’n 10.000 extra
banen in vmbo en mbo. Wie de mond vol heeft over de kenniseconomie, mag er niet
in berusten dat jaarlijks duizenden jongeren zonder diploma de school verlaten.
8.
Wonen:
De PvdA wil meer betaalbare
woningen bouwen en trekt hiervoor een half miljard euro uit. Zowel kopen als
huren is voor veel mensen te duur, zeker voor starters. In de (oude) stadswijken
is nieuwbouw onmisbaar om de leefbaarheid te herstellen en mensen met
middeninkomens vast te houden. Met een verhoging van het Investeringsfonds
Stedelijke Vernieuwing kunnen 20.000 woningen extra per jaar worden gebouwd,
omdat gemeenten in de PvdA-plannen hun grondexploitatie wél rond kunnen krijgen.
Daarnaast wil de PvdA woningen in oude wijken opknappen en illegale bewoning
tegengaan. Voor starters moet het gemakkelijker worden gemaakt om een huis te
kopen. Waar het kabinet Balkenende - in een tijd waarin de huren omhoog gaan -
bezuinigt op de huursubsidie, draait de PvdA die bezuiniging met hetzelfde gemak
terug.
9.
Milieu:
De PvdA wil komende
generaties niet alleen geen staatsschuld nalaten, maar ook geen milieuschuld.
Daarom belast het PvdA-alternatief vervuilend gedrag
(bestrijdingsmiddelenheffing, diesel, vliegbelasting) en investeert het in een
schoner milieu door een impuls te geven aan milieu-innovatie en duurzame
energie.
10. Openbaar
vervoer:
Het kabinet Balkenende bezuinigt op het stads- en streekvervoer. Veel buslijnen worden geschrapt, bussen rijden minder frequent en de tarieven voor de reizigers gaan fors omhoog. Kortom: de reiziger betaalt meer voor minder. Het kabinet laat de regio’s in de steek door het openbaar vervoer juist buiten de randstad met bezuiniging na bezuiniging te confronteren. Mensen die afhankelijk zijn van het openbaar vervoer (veelal ouderen en scholieren) hebben over het algemeen geen alternatief. De PvdA wil 300 miljoen meer investeren in het openbaar vervoer. Maar voor wat, hoort wat. Alleen die regio’s die in staat zijn om met innovatieve plannen te komen waarmee we de bussen weer ‘vol’ krijgen kunnen in onze voorstellen aanspraak maken op een bijdrage. De 300 miljoen wordt dus gestopt in een innovatiefonds waaruit experimenten met gratis OV, alternatieve dienstregelingen, vervoer op maat en een betere aansluiting van trein, tram, bus, auto en fiets kunnen worden betaald. Zo krijgt de reiziger echt meer waar voor zijn geld.