Woningbouw

 

Door de strengere wetgeving rond archeologische vondsten kan de bouw van nieuwe woningen met een half tot driekwart procent afnemen. Sinds het afbouwen van de woningbouwsubsidies zijn rendementsindicatoren namelijk een grotere rol gaan spelen bij het aanbod van woningbouw. Lange tijd waren de effecten niet goed in kaart te brengen, maar sinds de markt meer ruimte krijgt, zijn de effecten van beleid beter in kaart te brengen.
       Deze krant maakte maandag bekend dat de wijziging van de monumentenwet die staatssecretaris Medy van der Laan voorbereidt, leidt tot stijging van de bouwkosten. In lijn met Europese afspraken moet een projectontwikkelaar die tijdens de bouw op een archeologische vondst stuit, de onderzoekskosten betalen.
       Een stijging van de reële bouwkosten van 1 procent leidt tot een daling van het nieuwbouwaanbod van 0,9 tot 1,5 procent, zo blijkt uit regressieonderzoek. Het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid denkt dat de archeologiewetgeving leidt tot een stijging van de bouwkosten van gemiddeld 3 euro per vierkante meter. De bouwkosten bedragen 600 tot 700 euro per vierkante meter. De combinatie van de bouwkostenstijging van een half procent en de onderzoeksresultaten leidt dus tot het vermoeden dat de woningbouw met een half tot driekwart procent zal dalen door de wetgeving van de staatssecretaris.
       Ook de grote overheidsvraag naar Grond-Weg-en Waterbouw (GWW) zoals de Betuwelijn en de HSL kan als één van de oorzaken van de stagnatie van nieuwbouw worden aangemerkt. Op deze GWW-werken kan namelijk meer rendement worden gehaald dan op woningbouw. Uit een regressieanalyse volgt dan ook een sterke elasticiteit: een stijging van de vraag naar GWW-werken met 1 procent leidde tot een daling van het aanbod van woningbouw van 1,2 procent. De GWW-vraag leidde ertoe dat bouwbedrijven hun productiecapaciteit minder voor woningbouw aanwendden. De overheid moet dus in het postsubsidietijdperk eraan wennen dat het beleid voor behoud van cultureel erfgoed niet een andere doelstelling doorkruist: een hogere woningbouwproductie.

 

Michiel Mulder, vastgoedeconoom te Amsterdam